Veilig werken
Figuur 2.

Het meest praktische is het bouwen van een klasse-II-toestel. In figuur 2 hebben we de knelpunten van kommentaar voorzien.
1) Gebruik een netsnoer met aangegoten euro-netsteker.
2) Het netsnoer wordt via een deugdelijke trekontlasting naar binnen gevoerd.
3) De zekeringhouder. De omgeving van de zekering is ook een prima plaats om type, "soort" netspanning en de waarde van de zekering te vermelden (uiteraard aan de buitenkant van de kast).
4) De netschakelaar. De lucht- en kruipweg tussen de kontakten en het chassis moet minstens 6 mm zijn. Gebruik geen metalen knoppen, want deze zijn meestal onvoldoende geïsoleerd.
5) De draden dóór de soldeerogen steken en solderen.
6) Breng een kous aan voor dubbele isolatie.
7) De afstand tussen de primaire kontakten tot de kern en de rest van de omgeving moet minstens 6 mm (lucht- of kruipweg) zijn.
8) Gebruik snoer met tenminste 0,4 mm isolatie en een kerndoorsnede van 0,75 mm.
9) Aan de print en de schakeling worden geen bijzondere eisen gesteld. Uiteraard moet de print wel stevig worden bevestigd.
10) De massa van de schakeling mag worden aangeraakt, omdat de nettrafo voor voldoende veiligheid zorgt (als dit tenminste een veiligheidstrafo is).
11) De kast mag best van metaal zijn, immers het primaire circuit is met een dubbele isolatie van de omgeving gescheiden. Kunststof heeft echter de voorkeur.
De volledige norm kan worden besteld bij het Nederlands Normalisatie Instituut, telefoon: 015-2690255.
Dit uittreksel is door de redaktie met zorg samengesteld. Toch kunnen wij geen enkele aansprakelijkheid aanvaarden ten aanzien van de juistheid van de informatie, noch de eventueel daaruit voortvloeiende gevolgen.
