Elektor in 2025: soldeerwalm, oscilloscoop-traces en een beetje AI
op
Als je maand na maand aan Elektor werkt, vergeet je makkelijk individuele projecten zodra het volgende nummer verschijnt. Maar terugkijkend op 2025 zie ik dat het jaar als geheel erg goed in elkaar zat. Niet omdat elke editie hetzelfde thema volgde, maar omdat elke editie zijn taak uitstekend uitvoerde.
Ik bladerde door onze nummers van 2025 en hier zijn de projecten en artikelen waar ik steeds weer op terugkwam, in de volgorde waarin ze verschenen.
Januari–februari: energie & vermogen
We begonnen het jaar met Energie & Vermogen, wat als de juiste plek voelde om te beginnen. Voordat slimme firmware of nog slimmere AI in beeld komt, moeten dingen nog steeds gewoon opstarten en werken.
De projecten die ik hier het meest interessant vond, waren degenen die energie zagen als iets wat je moet testen, niet zomaar aannemen. De Solar Module Simulator van Peter Kroll (Zwitserland) viel op omdat hij het nattevingerwerk vervangt door herhaalbaarheid, een thema waar ik nooit genoeg van krijg.
Combineer dat met Peter Grundmann’s (Duitsland) Electronic Load Resistor (tot 10 A) en je hebt de basis voor een opstelling waarmee je ontwerpen op de proef kunt stellen, meten en er met gezonde scepsis naar kunt kijken.
Ik waardeerde ook artikelen die zich richtten op de minder zichtbare problemen van vermogenselektronica: ruis, thermisch gedrag en langdurige betrouwbaarheid. Dat zijn geen glamoureuze onderwerpen, maar ze bepalen stilletjes of een project het na de testfase overleeft.
Maart–april: embedded & AI
Het Embedded & AI-nummer was voor mij een van de sterkste.
Christian Nöding’s (Duitsland) FPGA-Based Audio Player with Equalizer sloeg meerdere vliegen in één klap: audio, digitale signaalverwerking, en hardwarebeperkingen die je niet laten valsspelen. Dit is zo’n project dat je dwingt echt te begrijpen wat er gebeurt, in plaats van alleen lagen aan elkaar te plakken.
De USB 2.0 Isolator van Alfred Rosenkränzer (Duitsland) was nog zo’n favoriet. Niet spannend, niet flitsend, gewoon goed ingenieurswerk. Isolatieprojecten krijgen zelden de aandacht die ze verdienen, ondanks hoe vaak ze je redden.
De ESP32-S3 Sensor Evaluation Board van onze eigen Saad Imtiaz (Pakistan) was ook goed geland. Het was duidelijk bedoeld om mee te experimenteren, te meten en opnieuw te gebruiken, niet als kant-en-klaar product.
Wat betreft de RISC-V Open-Source Processor Architecture deep dive van Saad en Jean-François Simon (Frankrijk): wat ik fijn vond was de toon. En natuurlijk de diepgang: de artikelen bleven stevig geaard in de hardware (16 boards!), toolchains en echte ontwikkelervaringen. Geen evangelie, geen glazen bol, gewoon: “zo werkt het in de praktijk.”
Mei–juni: testen & meten
Als er één gebied is waar Elektor zich altijd thuis voelt, dan is het Testen & Meten. Het mei–juni-nummer bewees dat opnieuw.
De PbMonitor v1.0, opnieuw van Saad, was een stille uitblinker. Grote huishoudaccu's monitoren is niet spannend, tot het opeens heel belangrijk wordt. Dit was precies het soort project waar ik vertrouwen in heb: duidelijk doel, meetbare resultaten en evidente herbruikbaarheid.
Ik vond ook de focus op de basisprincipes in dit nummer sterk: kloknauwkeurigheid, kristaltesten en het verschil tussen precisie en accuraatheid. Artikelen zoals de Stand-Alone Crystal Tester van Philippe Le Guen (Frankrijk) en stukken over de betrouwbaarheid van meetinstrumenten zijn van het soort die lang meegaan. Ze zijn niet achterhaald als er een nieuwe microcontroller verschijnt.
Dit was een nummer vol met tools die je bouwt en bewaart.
Juli–augustus: IoT & sensoren
Het midden-van-het-jaar-nummer verbreedde de scope naar IoT & Sensoren zonder het contact met de praktijk te verliezen.
Het Meshtastic Demo Project van Bera Somnath (India) trok mijn aandacht omdat het draadloos zag als een systeemprobleem, niet als een afvinklijstje. Bereik, betrouwbaarheid en echte omstandigheden telden allemaal.
Het OBD2 Sensor Dashboard (weer van Saad!) was een andere favoriet. Echte data, echte signalen en een duidelijke route van “dit werkt” naar “dit wil ik uitbreiden.”
Ik waardeerde ook dat analoog nooit helemaal verdween. Projecten zoals Alfreds Analog Audio Frequency Generator herinnerden eraan dat meten en signaalopwekking nog steeds baat hebben bij eenvoudige, zichtbare elektronica.
Circuit Special 2025
De Circuit Special heeft geen aanmoediging nodig, en die geef ik ook niet.
Projecten zoals Neon Lamp Dice van Clemens Valens (Frankrijk) zijn precies waarom dit nummer bestaat. Een ode aan een Elektor-project uit 1966 van B. B. Gorneau, dit project is speels, een tikje ondeugend en schaamteloos elektronisch, net als Clemens. Dit soort projecten herinnert mensen eraan waarom ze in dit vakgebied zijn begonnen.
De rest van het nummer deed precies wat het beloofde: schema’s die op zichzelf staan, duidelijk getekend en bedoeld om gebouwd te worden. Geen systeemplaten die doen alsof ze projecten zijn. Gewoon elektronica.
September–oktober: draadloos & communicatie
Het Draadloos & Communicatie-nummer werkte het beste omdat het connectiviteit zag als een systeemprobleem en niet als een oefening in modulekeuze.
Ik bleef terugkomen bij twee artikelen. Eén was de ESP32 Audio Transceiver Board (deel 2) van hoofdredacteur Jens Nickel (Duitsland). Het bevindt zich precies op het ongemakkelijke snijvlak waar draadloze theorie de meetrealiteit ontmoet.
Hetzelfde geldt voor het High-Speed Probe-project. Wederom door Alfred en gebaseerd op een idee van Stefan Marenbach, beiden Duitsers, toont de High-Speed Probe hoe de praktijk trucjes en beperkingen kent die de theorie belachelijk maken.
Deze projecten gaan niet over het kiezen van een radio of het versturen van pakketjes; ze gaan over wat er daadwerkelijk in het veld gebeurt, hoe je dat waarneemt, en hoe makkelijk je jezelf voor de gek kunt houden als signalen snel worden.
Dit was niet het meest direct bouwbare nummer van het jaar, maar wel een van de meer ontnuchterende. Het scherpt je oordeel aan in plaats van alleen gadgets te produceren, en dat is een volledig geldig onderdeel van wat wij doen.
November–december: prototyping & productie
Prototyping & Productie voelde als het juiste moment om in november te eindigen.
Dit nummer verlegde de aandacht van ideeën naar uitvoering. PCB-ontwerp, assemblage, tooling en productiepraktijk stonden centraal, en dat deed ertoe. Elektronica die nooit wordt gebouwd, blijft theorie met mooiere plaatjes.
Projecten zoals de Christmas Star 2025 van Ton Giesberts (Nederland)…
…en de Wordy Christmas Tree, ook van een zeer drukke Clemens…
…combineerden degelijk ontwerp met een beetje seizoensgebonden luchtigheid. De 100 mV Continuïteitstester van Jez Siddons (Verenigd Koninkrijk) was een andere favoriet — klein, gericht en direct bruikbaar.
Ik genoot ook van Raymond Schouten’s Analog Pipeline Distortion, deels omdat audioprojecten nooit helemaal verdwijnen en deels omdat het analoog gedrag behandelde als iets om te ontdekken in plaats van te temmen.
De aandacht voor productronica 2025 maakte het plaatje mooi rond. Prototyping en productie zijn branches met gereedschappen, beperkingen en consequenties, niet slechts abstracte concepten.
Een apart spoor: de Edge Impulse gast-editie
Naast de reguliere jaargang stond de Edge Impulse gast-editie los van de gebruikelijke frequentie, om je nog meer waardevolle content te brengen, dit keer dankzij Edge Impulse.
Leuke artikelen zoals PCB Defect Detection with Raspberry Pi van Solomon Githu (Kenia)…
…Keyword Spotting with Edge Impulse van Edge Impulse CTO Jan Jongboom (Nederland)…
…Saads ESP32 Energy Meter…
…en Shawn Hymel’s (Verenigde Staten) heerlijk onnodige AI Toaster.
Iedereen die bekend is met de reboot van de Sci-Fi-serie Battlestar Galactica, zal zich herinneren hoe de AI-gestuurde robots (“Cylons”) spottend “toasters” werden genoemd. Ik vroeg ChatGPT om mij uit te leggen waarom dat zo was. Als een Cylon. Het stelde niet teleur:
Deze artikelen werkten allemaal omdat ze machine learning als embedded engineering behandelden. Stroomverbruik, latency, datakwaliteit en faalmodi waren onderdeel van het verhaal.
Daar wordt AI voor mij interessant: als het moet draaien in echte hardware en zich moet gedragen. Weer de praktijk.
Elektor 2025 terugblik: Eén jaar, één rode draad
Als ik terugkijk, vond ik van Elektor in 2025 vooral dat het nooit aanvoelde als “oud” versus “nieuw.” Analoog, meetapparatuur, embedded systemen, draadloos, prototyping en edge-AI bestonden allemaal naast elkaar zonder excuses. Niets werd als achterhaald behandeld. Niets werd als magie gezien. Als er één rode draad door de beste projecten loopt, dan is het dit: Ze gingen ervan uit dat iemand ze echt zou bouwen en daarna zou meten of het werkte. Dat blijft een standaard om te koesteren.
Gelukkig Nieuwjaar!


























Discussie (0 opmerking(en))