Hoofdstuk 7 bevat projecten op beginnersniveau zoals: Digitale Chronometer, Dobbelsteen, Euro Millions Lottery Numbers, Aardrijkskundeles en Rekenen voor de Basisschool. Natuurlijk kan elke leerling uit groep zes kant-en-klare alternatieven voor deze programma’s vinden in de Android Play Store, maar dan is de educatieve waarde praktisch nul vergeleken met het stap voor stap “ontwerpen” en programmeren van een eigen app en te leren terwijl je eraan werkt.
 


De eenvoudige projecten in hoofdstuk 7 maken met opzet nauwelijks gebruik van de geavanceerde functies van B4A die in de voorafgaande theoretische hoofdstukken van het boek zijn besproken. Functies zoals arrays, foutafhandeling en toegang tot de ingebouwde sensoren van de smartphone komen pas aan de orde in de “zwaardere” projecten, waarbij externe computers, WiFi, mobiele telefoonnetwerken en het Internet worden toegepast.
In hoofdstuk 8 worden eerst de sensoren, die beschikbaar zijn in de meeste Android-smartphones, verkend. Ook hier leren we die te programmeren aan de hand van projecten: luchtdrukmeter, lichtniveaumeter, afstandsmeter, versnellingsopnemer en spraakuitvoer. Net als in hoofdstuk 7 is het niet bedoeling dat de programma’s willen concurreren met commerciële apps. In plaats daarvan blinken ze uit door de heldere toelichting over hoe het allemaal werkt. De projecten hebben een heel sterk aansporend effect. Telkens weer wordt de lezer opgeroepen om zelf te gaan experimenteren, precies zoals veel Elektor-lezers dat graag doen in hun elektronicahobby.

Tijd voor Raspberry Pi, Arduino en ESP32

Hoewel een draadverbinding tussen een Android-smartphone en een extern ‘computertje’, zoals een Arduino of een Raspberry Pi, een wereld van programmeermogelijkheden opent, stelt het boek voor om WiFi of SMS te gebruiken. Dat heeft voor de lezers het voordeel dat ze meteen leren hoe ze deze manieren van communicatie kunnen programmeren. Want wie wil er nou nog kabels in 2019? Geen van de jongeren die ik de laatste tijd ben tegengekomen.
In de hoofdstukken 10...13 komen de volgende WiFi- en SMS-interfaces in groot detail aan de orde, om ze later te kunnen gebruiken bij de ingewikkelder projecten.
Hoofdstuk 10: Android naar PC (WiFi)
Hoofdstuk 11: Android naar RPi (WiFi)
Hoofdstuk 12: Android naar RPi 3 (SMS)
Hoofdstuk 13: Android naar Arduino (WiFi)
Hoofdstuk 14: Android naar Arduino (SMS)

SMS vond ik in het begin een beetje ouderwets, tot ik me realiseerde dat het nuttig en betrouwbaar is voor het op afstand besturen van apparatuur “met een mobiel nummer” met behulp van een goedkope 3G/4G-module. Zoals de verwarming in een vakantiehuisje!
In hoofdstuk 15 was ik blij om een relatieve nieuwkomer aan te treffen: de ESP32-microcomputer van Espressif. Het hoofdstuk begint met een korte inleiding in de ESP32, gevolgd door een LED-knipperlicht als eerste voorbeeld (niet zo heel origineel natuurlijk) en sluit af met een millivoltmeter-project. Ik had graag meer over de ESP32 willen lezen in het boek. Het millivoltmeter-project heeft wel een grote educatieve waarde voor B4A en Android-programmeren, maar gaat helemaal voorbij aan het grote rekenvermogen van de ESP32. Een logfunctie zou het project bijvoorbeeld veel interessanter hebben gemaakt, of het multiplexen van verschillende inputs.
 

Ik vond het jammer dat de BBC micro:bit ontbreekt.